Als de koning van Atlantis op de stoep staat

Richting, inwijding, toewijding
23 september 2021
Messiah
7 oktober 2021
Laat alles zien

Als de koning van Atlantis op de stoep staat

Gedachten bij de week door ds. Wim Vermeulen

Vorige week vrijdag belde de koning van Atlantis aan bij de Jacobikerk. Hij noemde zich Adam en wist zich verantwoordelijk voor de val van de wereld en de kruisiging van Jezus. De vrouw van God, moeder Natuur – met wie het heel slecht ging – zou zich in de kerk bevinden en daarom moest hij dringend naar binnen.

Ik had het nog niet eerder meegemaakt dat iemand met een dergelijke ernstige psychose voor de deur stond. In het algemeen is er trouwens sinds corona wél een heel duidelijke stijging van het aantal mensen dat met één of andere hulpvraag bij de kerk aanbelt. Als één van ons aanwezig is, doen we open en proberen we zo goed en zo kwaad als dat gaat te helpen. Voor acute nood, zoals nachtopvang of een klein bedrag voor het Openbaar Vervoer, heeft de diaconie een potje gereserveerd waaruit we dan kunnen putten. In andere gevallen is een kop koffie, een gesprekje, een gebed of een Bijbel (ja, ook daar wordt wel eens expliciet om gevraagd) het antwoord op de hulpvraag. In het geval van de koning van Atlantis is natuurlijk meer nodig. Uiteindelijk hebben we de politie maar gebeld die de man liefdevol heeft meegenomen om te onderzoeken waar hij thuis hoorde.

We hebben er als dominees niet echt voor geleerd, voor zulke dingen. Ze komen – eerlijk gezegd – ook altijd op het verkeerde moment. Toch geven al deze ontmoetingen veel te denken. Ze trekken je uit je veilige bubbel, om te beginnen, en confronteren je met pijn, verdriet en gebrokenheid. En eigenlijk altijd voel je je onthand, alleen al omdat jouw leven er zo bevoorrecht uit ziet vergeleken met… Maar er is meer. Net als de verzoekingen uit Jacobus 1 zijn het ook momenten die je in heel korte tijd terugbrengen naar de kern van je geloof. Verder stellen deze situaties ook vragen naar de plaats van de (Jacobi)kerk in deze stad. Het versterkt me in de overtuiging dat de kerk een plek moet zijn waar als je er aanbelt ook daadwerkelijk wordt opengedaan. In de toekomst kijken kan ik maar heel beperkt, maar mijn intuïtie zegt dat dit soort dingen er niet minder op gaan worden.

Dat brengt me tot slot bij het nieuwe beleidsplan voor onze gemeente. Daar wordt gestaag verder aan gewerkt en binnenkort word je uitgenodigd voor een gemeenteberaad erover. In het beleidsplan zullen we de vraag moeten beantwoorden wat voor kerk we de komende jaren willen zijn. Een plek waar vooral op zondag heel goede en belangrijke dingen gebeuren maar die voor de rest van de week vooral dicht is? Of vraagt de nabije toekomst iets anders van ons en doen we er goed aan daarop voor te sorteren? In Mattheüs 25 is een Koning aan het woord die mensen als de koning van Atlantis zijn ‘minste broeders’ noemt en zegt dat wat we aan hen doen, ten diepste aan Hem doen. Dat maakt het antwoord op de genoemde vragen ineens een stuk duidelijker.