Gedachten bij de week (05-12)
4 december 2020
Gedachten bij deze week (19-12)
18 december 2020
Laat alles zien

Gedachten bij deze week (12-12)

Gedachten bij de week

“Is het een beetje wat je ervan verwacht had?”  Een vraag, die iemand mij een week of wat geleden tijdens een wandeling stelde. We hadden afgesproken bij Oud Amelisweerd, daar wat warms gedronken, en we liepen nu door de bossen achter het landhuis, de regen trotserend, om eens bij te praten. Een mooie vorm van ontmoeting in deze tijden waarin het nog steeds niet zo vanzelfsprekend is elkaar rondom ons kerkgebouw tegen te komen.

Terug naar die vraag, die doelde op mijn ervaringen sinds ik begin dit jaar weer was aangesloten bij onze kerkenraad. Mijn eerste reactie op de vraag was sterk gekleurd door alles wat corona losmaakt. Ik kon een glimlach niet onderdrukken en mompelde iets in de trant van, “Nee, dit verwacht je niet.” En terwijl we verder wandelden richting Nieuw Amelisweerd, steeds dieper weggedoken in onze regenjas, nam ik de tijd om wat meer op de vraag zelf te reflecteren. Corona heeft ons overvallen, hier en daar zien we heel misschien wat eerste lichtpuntjes, maar we zijn er nog lang niet. Gegeven dat corona er is, wat zou je dan verwachten? Waar zou ik op hebben gehoopt? Waarvoor zou ik hebben gevreesd? Al wandelend, kwam ik uit op drie gedachten.

Mijn eerste gedachte was verwondering. Verwondering over alles wat iedere week nog doorgang vindt in onze gemeente. Verwondering over hoe gemeenteleden elkaar blijven opzoeken. Verwondering over de toewijding en trouw waarmee men tijd, geld en energie deelt. Had ik dit van tevoren verwacht? Eerlijk gezegd, ergens wel, gegeven hoe ik de gemeente de afgelopen jaren een beetje heb leren kennen. Maar tóch, het is soms meer dan een mens durft te hopen. Naast verwondering dacht ik ook aan verdriet, wellicht daartoe aangezet door de aanhoudende regenval en de troosteloze aanblik van de ontbladerde bomen rondom het landhuis. Verdriet, wanneer ik gemeenteleden spreek wiens wereld de afgelopen maanden erg klein is geworden. Verdriet, omdat voor hen een week lang is, zeker in deze donkere dagen. Verdriet, wanneer de Jacobikerk steeds verder weg voelt.

In het verlengde hiervan dacht ik ten slotte ook aan vervreemding. Als gemeente waren wij gewend elkaar op vaste tijden te ontmoeten, in een vertrouwde vorm. Ik dacht aan zoveel zondagochtenden, tien uur starten, met z’n honderden in de banken, een sobere liturgie. Het voorspelbare is er wel een beetje af, om het zachtjes uit te drukken. Nieuwe vormen en tijden kunnen, onbedoeld, ook een gevoel van afstand oproepen. Waar sta ik, en welke kant gaat de gemeente op? De coronacrisis is dan ook deels een coördinatie-crisis. Hoe gemeente te blijven, als we niet zeker weten wie we waar, wanneer en hoe zullen ontmoeten? Samen door een crisis wandelen vraagt wat van ons, zeker wanneer tempo en richting niet altijd even constant lijken. Als dit allemaal voorbij is, moeten we daar misschien nog maar eens wat op reflecteren met elkaar.

“Is het een beetje wat je ervan verwacht had?” Een mooie vraag, gesteld op een regenachtige doordeweekse namiddag. Ik kwam toen uit op drie gedachten: verwondering, verdriet en vervreemding. Ergens abstracte begrippen, moest het nu daarbij blijven? Was er nog een rode draad, iets concreets? Pas later, tijdens de Avondmaalsdienst afgelopen zondag, viel het wat meer op zijn plaats. Naast terugkijken, moest ik de blik ook vooruitwerpen. Deze weken wandelen we als gemeente mee op het ritme van de Adventstijd. We leven toe naar Kerst 2020. Maar we mogen ook vérder kijken, naar de wederkomst van Hem die ons samenbindt. In die verwachting wil ik graag nog een tijdje verder wandelen in en met onze gemeente. Ik hoop dat onze paden elkaar daarbij nog eens kruisen.

In Christus verbonden,

David-Jan Jansen (voorzitter kerkenraad)